Platform Rosa blog

9 januari 2009

Voor Aví en zijn hele Mischpoche

Filed under: Gastposting — platformrosa @ 12:37 37

Een gast-bijdrage van Floor.

Ik ben een socialist vanuit het hart. Daarmee bedoel ik dat eerst mijn gevoel mij zegt dat iets onrechtvaardig is, en dat ik er daarna een theoretische onderbouwing bij zoek. Ik heb niet zo veel met theorie, al ken ik het wel. Ik pas de theorie liever niet toe op de praktijk; ik hou de zaken liever dicht bij mijn hart. Dit in tegenstelling tot mijn compañero die eerst gedegen onderzoek doet naar theorie en algemene stellingen en op basis daarvan zijn mening formuleert.
Sinds ik leef (en al langer) is er een gecompliceerd en gordiaans conflict in het Midden Oosten waarbij historische aspecten, machtsstrategische aspecten, Koude Oorlogaspecten, schuldgevoel en sociale ongelijkheid (onder andere) een rol spelen.
Sinds de aanval op de Gaza door Israël is ingezet komen tal van deze aspecten in de media aan de orde en worden mensen aangevallen, afgevallen, verdacht gemaakt, van terrorisme beschuldigd…op grond van steeds weer andere aspecten van dat gecompliceerde probleem.
Vorige week kreeg ik een e-mail dat er een demonstratie zou zijn in Amsterdam, tegen de aanvallen van Israël, ik dacht aan Aví en ik ging natuurlijk demonstreren.

Aví was een Joodse man die ik in 1986 in Tiberias tegen kwam. Hij was toen ongeveer 28. Hij had zijn leven lang in Israel gewoond. Zijn vader niet. Die was geboren en opgegroeid in Palestina, zoals heel veel generaties voor hem ook in Palestina waren geboren.
Op een dag – we liepen langs het meer van Tiberias – vertelde Aví mij over de oorlog. Eerst over de oorlogen die hij als kind had mee gemaakt, en toen over Libanon, waar hij als dienstplichtig soldaat naartoe gestuurd was.
Zijn vader had hem, voordat Aví op oorlogspad ging, brieven en foto’s meegegeven voor zijn zus – Aví’s tante – die in Libanon woonde. Avi’s tante was namelijk – niet ongebruikelijk toen Israël nog Palestina heette – met een Palestijn getrouwd. Door de politieke situatie was het gezin, ondanks dat Avi’s tante een Jodin was, gedwongen te vertrekken uit Tiberias, en op zwerftocht te gaan met de rest van het Palestijnse volk. Omdat Aví’s tante in Libanon woonde en Aví’s vader in Israël konden ze niet met elkaar communiceren, behalve via een derde land omdat alle communicatie tussen Libanon en Israel onmogelijk was door de politieke situatie. Toen Aví dus naar Libanon ging meende zijn vader dat er een goede kans was dat Aví zijn familie kon bezoeken om foto’s, brieven, voorwerpen, te overhandigen.
Ik vroeg Aví of hij contact had gehad met zijn tante, toen hij in Libanon was.
Hij zei dat hij contact gehad had met haar. Ze hadden elkaar gezien en foto’s en nieuws uitgewisseld. Zij had hem verteld dat de hele familie nog leefde, en ook haar zonen nog in leven waren.
Ik keek over het water en vroeg toen: “Maar je was toch in Libanon om oorlog te voeren?”
Hij zei met zijn eeuwig spottende lach: “Ja, maar wat die Ashkenazi met mijn aanwezigheid in Libanon willen kan mij niet schelen. Ik heb niks met die oorlog te maken! Ik wilde mijn vader en mijn tante de vreugde van het contact geven!”
Hij keek me aan, zijn spottende grijns verdween en hij zei hard en grimmig: “Ja, ik heb geschoten en ik heb mensen slecht behandeld. Ik zie wel aan je gezicht wat je denkt! Ja, ik ben schuldig! Maar ik heb godverdomme die klote-oorlogen niet bedacht! Ik ben al lang blij als ik niet tegenover mijn eigen neven heb gestaan. En als je het dan zo graag wil weten: ik wil niet weten waar zij staan, wat ze van mij of van Israël vinden! Ik zal weer, en weer, en weer…telkens weer opgeroepen worden, en steeds weer moeten vechten tegen mensen waar ik niets tegen heb…maar dit is wel mijn land! En jij en al die andere vervloekte Ashkenazi, zijn wel mijn volk! …. Wij zijn hier nooit weg gegaan … totdat mijn tante met haar gezin weg moest, door ons eigen volk verdreven …”

Ik heb veel met Aví gepraat over politiek, over geloof, over Israël en zijn toekomstverwachtingen.
Ik zei hem een keer dat hij in de politiek moest gaan, nadat hij me had gezegd heel veel van zijn land te houden maar het erg te vinden dat zijn land kapot ging aan stomme mensen die weigerden goed uit hun ogen te kijken en een beetje voorzichtig met elkaar te zijn.
Hij vloog verontwaardigd op en zei absoluut niets met de politiek te maken te willen hebben. Hij wilde alleen maar vrede en dat had volgens hem niets met politiek te maken, alleen maar met een beetje normaal met elkaar omgaan.
Ik heb hem na die week in Tiberias nooit meer gezien of gesproken, maar ik denk dat zijn moeder uiteindelijk toch wel voor elkaar heeft gekregen dat hij netjes getrouwd is met een leuke Joodse vrouw, en dat hij kinderen heeft gekregen die nu dienstplichtig zijn. Zijn neven zijn misschien in de Gaza terecht gekomen of wonen nog steeds in het zuiden van Libanon, zijn getrouwd en hebben kinderen gekregen.
Inmiddels heeft Aví misschien begrepen wat Brecht jaren geleden al begreep, namelijk dat hij door zich af te keren van de politiek niet kon ontkomen aan de strijd omdat de politiek hem toch (steeds weer) wist te vinden:

“Stell dir vor, es ist Krieg, und keiner geht hin –
Dann kommt der Krieg zu Euch.”
“Wer zu Hause bleibt, wenn der Kampf beginnt
Und lässt andere kämpfen für seine Sache
Der muss sich vorsehen: denn
Wer den Kampf nicht geteilt hat
Der wird teilen die Niederlage.
Nicht einmal den Kampf vermeidet
Wer den Kampf vermeiden will: denn
Es wird kämpfen für die Sache des Feinds
Wer für seine eigene Sache nicht gekämpft hat.”

Misschien niet en gelooft hij nog steeds dat “een beetje normaal en voorzichtig met elkaar omgaan” niets met politiek te maken heeft.
Omdat mijn hart mij zeer, zeer sterk overtuigend zegt dat het niet moet kunnen dat Aví’s kinderen de eindeloze dienstplicht van Israel moeten volbrengen door bommen te gooien op de kinderen van Aví’s neven, of dat zijn neven – praktisch gebruik makend van het feit dat ze volgens de Joodse wetten Joden zijn – een aanslag plegen diep in Israel omdat ze geen andere uitweg meer zien, daarom ben ik tegen de Israëlische politiek en tegen de militaire steun van de westerse wereld aan Israel.
Ik kan dat onderbouwen met historische, politieke, strategische en socialistische theorie. Ik kom een heel eind in het schetsen van het probleem en in grote lijnen van de spelers en hun belangen. Maar eigenlijk gaat het gewoon om Aví en zijn bizarre verhaal over de uitwisseling van familiekiekjes temidden van een smerige oorlog. En eigenlijk denk ik dat ik dat ik gelijk heb het probleem niet onnodig te compliceren. Want uiteindelijk gaat socialisme toch om menselijkheid, menswaardigheid en gewoon om het bestaansrecht van mensen – alle mensen. Dus demonstreer ik tegen de Israëlische politiek voor Aví en zijn hele Mischpoche.

Geef een reactie »

Nog geen reacties

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

%d bloggers op de volgende wijze: